Hoogte van de bezoldiging van topbestuurders in het onderwijs in 2015

Sinds 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) van kracht. De WNT beoogt een evenwichtige, verantwoorde en maatschappelijk aanvaardbare bezoldiging in de publieke en semipublieke sector, door inkomens en ontslagvergoedingen te normeren en openbaar te maken. Het onderwijs kende in 2015 een eigen ministeriële regeling met sectorale bezoldigingsmaxima. Om te voorkomen dat de bezoldigingen van alle bestuurders naar het sectorale maximum toegroeien, bestaan salarisklassen onder de sectorale maxima. Om het draagvlak voor deze salarisklassen te vergroten, is gekozen voor zelfregulering. De onderwijssectoren hebben daarom in bestuurderscao’s (po en vo) en beloningscodes (mbo en hbo) salarisklassen onder de sectorale maxima vastgelegd. In welke salarisklasse men valt is afhankelijk van de grootte van de betreffende instelling.

Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap wil volgen in hoeverre zelfregulering middels beloningscodes en bestuurderscao’s werkt en of er geen opdrijvende werking naar het sectorale maximum ontstaat. Hiertoe is een monitor ontwikkeld, die inmiddels voor de vierde keer is uitgevoerd door SEOR met Panteia als onderaannemer. De huidige monitor heeft betrekking op de bezoldigingen over 2015.

Het algemene beeld dat uit de analyses naar voren komt is dat, in vergelijking met de monitor in 2014, (i) de beloningen van bestuurders in primair en wetenschappelijk onderwijs meer in lijn liggen met de in de cao's of beloningscodes vastgestelde criteria, (ii) de beloningen van bestuurders in middelbaar en hoger beroepsonderwijs minder in lijn liggen met de in de cao's of beloningscodes vastgestelde criteria, (iii) de beloningen van bestuurders in het voortgezet onderwijs in geval van de normen per klasse iets meer en in geval van de sectorale norm iets minder in lijn liggen met de in de cao’s of beloningscodes vastgestelde criteria, (iv) de beloningen van toezichthouders meer in lijn liggen met de in de cao’s of beloningscodes vastgestelde criteria, (v) de gemiddelde jaarlijkse bezoldiging voor bestuurders in alle onderwijssectoren gedaald is, (vi) de gemiddelde jaarlijkse bezoldiging voor toezichthouders in alle onderwijssectoren gestegen is, en (vii) de informatievoorziening sterk verbeterd en van goede kwaliteit is.