Mbo-instellingen en de arbeidsrelevantie van het opleidingenaanbod op niveau 2

You are here

Mbo-instellingen en de arbeidsrelevantie van het opleidingenaanbod op niveau 2

De aanleiding van dit onderzoek zijn de verschuivingen die optreden aan de vraagkant van de arbeidsmarkt. Factoren als technologische ontwikkelingen en globalisering zorgden aanvankelijk voor het verdwijnen van met name laaggekwalificeerd werk, maar inmiddels heeft deze ontwikkeling zich ook uitgebreid tot het middensegment. De arbeidsmarktpositie van mensen met een mbo-opleiding op niveau 2 staat hierdoor onder druk en dat vraagt antwoorden vanuit het beleid op macro- en meso-niveau, maar ook van de individuele mbo-instelling zelf. Het onderhavige onderzoek richt zich specifiek op de rol van individuele mbo-instellingen in de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt via hun opleidingenaanbod op niveau 2.

In een eerste stap van het onderzoek is een analyse uitgevoerd van bestaande databronnen (DUO, ROA, CBS) om na te gaan welke verschillen optreden in het opleidingenportfolio van individuele instellingen en welke consequenties dit heeft voor de arbeidsmarktperspectieven van de leerlingen. Opvallend is de grote spreiding in het opleidingenaanbod tussen individuele instellingen. Dit geldt ook voor opleidingen die het relatief minder goed doen op de arbeidsmarkt.

Als de spreiding van de aandelen van opleidingen zo groot is, is de vraag in welke mate hier sturing plaatsvindt vanuit de instellingen. Voor ons onderzoek is dan vooral van belang in hoeverre sturing plaatsvindt in de richting van een opleidingenaanbod dat betere kansen biedt op de arbeidsmarkt, of bij de minder kansrijke opleidingen doorstroming naar een hoger opleidingsniveau wordt bevorderd. Hiertoe zijn bij een vijftal mbo-instellingen bij meerdere geledingen diepte-interviews uitgevoerd, evenals telefonische gesprekken met regionale werkgevers.

Uit de interviews blijkt dat het arbeidsmarktperspectief geen zwaarwegende rol speelt in het opleidingenaanbod van mbo-instellingen. Op niveau 2 bevinden zich veel leerlingen die veel zorg nodig hebben en in hun privésituatie met problemen kampen. Voor een deel van deze groep is het al een hele opgave om een diploma te halen. Diplomering wordt door de instellingen als essentieel gezien om hen in ieder geval een bepaalde startpositie in de maatschappij te verschaffen. Vanuit deze visie zijn de interesse en voorkeuren van jongeren voor bepaalde opleidingen leidend en dienen deze zoveel mogelijk gehonoreerd te worden, ook al gaat de voorkeur uit naar een opleiding met minder of slecht perspectief. Instellingen zijn bang deze jongeren kwijt te raken als niet wordt aangehaakt bij hun voorkeur voor een opleiding.

Binnen deze visie wordt echter wel een aantal stappen gezet om arbeidsmarktrelevantie vorm te geven. Instellingen zijn bezig om de procedures rondom de samenstelling van hun opleidingenportfolio meer gestructureerd vorm te geven. Tevens tracht men het arbeidsmarktperspectief niet zozeer vorm te geven door de keuzes van leerlingen ter discussie te stellen, maar door sommige minder perspectiefrijke opleidingen te verbreden en in te zetten op doorstroom naar een hoger niveau. Voorts werkt men aan het onderhouden van de contacten met (regionale) werkgevers over de inhoud van de opleidingen. Al deze stappen gaan wel met de nodige knelpunten gepaard. 

Download

Details

Publicatiedatum: 
March, 2017
Opdrachtgever: 
Commissie macrodoelmatigheid mbo (CMMBO)
Auteurs: 
Arie Gelderblom, José Gravesteijn, Elisa de Vleeschouwer, Bas Stegehuis

Expertise

Contact

Over SEOR

SEOR is een onafhankelijk onderzoeksbureau gelieerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en voert wereldwijd economisch onderzoek uit voor overheden en private partijen.

Contact

  • Adres: Marconistraat 16, 11e etage
     3029 AK Rotterdam
  • Telefoon: +31 (0)10 302 0500
  • E-mail: seor-secr@seor.eur.nl